Algemeen | Boren | Ruimen | Draadsnijden | Frezen | Volhardmetaal | Vragenlijsten

Frezen: Frezen en toepassingen

Bij frezen voor groef- en/of kopfrezen zit het grote verschil in de aansnijding op de kop van de frees. Bij spiebaanfrezen (2 snijders) en universeelfrezen (3 snijders) is het normaal dat 1 snijkant tot over het centrum snijdt of de geometrie zo is aangepast dat de frees ook borend gebruikt kan worden. Inmiddels worden er voor het gebruik in CNC bewerkingscentra's ook meerdere type vingerfrezen vervaardigd welke borend werken.
De keuze tussen een 2, 3 of 4 snijder hangt dan ook mede af van de bewerking.

 

3 snijder centrum snijdend 4 snijder centrum snijdend 4 snijder met inwendig centerpunt

 

Voeding

f = voeding per tand x aantal tanden x toerental.
f = fz x z x n.

 

Voor lange en extra lange frezen dient men de voeding te halveren.

Bij frezen welke kopsnijdend zijn en waarmee borend gewerkt wordt, dient men een voeding per omw. aan te houden welke gelijk is aan de langsvoeding van één tand. Voor uitgebreide verspaningscondities kunt u ons technische computerprogramma "Selector" raadplegen.